Het gelach van Michel Foucault

Het boek De woorden en de dingen, gepubliceerd in 1966, was bij het verschijnen in Frankrijk meteen een bestseller die van Michel Foucault een sterfilosoof maakte. De eerste uitgave was binnen een week uitverkocht. Het is in veel opzichten het meest veeleisende boek van Foucault: bijna ondoordringbaar, rijk aan lagen en details, ingewikkeld van opzet. Het is tevens een van zijn belangrijkste werken. Foucault vertelt ons, in het voorwoord, over de oorsprong van zijn boek:


"Dit boek dankt zijn ontstaan aan een tekst van Borges, aan de lach die tijdens het lezen ervan alle vertrouwde aspecten van het denken door elkaar schudde – van ons denken, van het denken dat verbonden is met onze tijd en onze geografie – en zo alle geordende vlakken en alle niveaus ondermijnde waarmee we de overvloed van wezens aan ban- den leggen en lang daarna nog onze eeuwenoude opvatting over het Zelfde en het Andere aan het wankelen bracht en ontregelde."

De Borges-passage waarnaar hij verwijst, komt uit ''De analytische taal van John Wilkins', blz. 122 waarin Jorge Luis Borges verwijst naar een pseudo-tekst die zogenaamd door Franz Kuhn is geschreven. Daarin vergelijkt Borges de poging van Wilkins om de wereld te categoriseren en te ordenen door de uitvinding van een analytische taal enerzijds met anderzijds de chaotische en wilde categorieën die in 'een bepaalde Chinese encyclopedie' zijn gevonden. De encyclopedie categoriseert dieren als: